Autisme

Autisme

Onderzoek naar emotieverwerking bij kinderen met autisme
Emoties vormen een belangrijk onderdeel in het dagelijks functioneren. Ze geven aan wat belangrijk is voor een individu. Niet alleen het reguleren van de eigen emoties is essentieel, maar ook de emotie-expressie bepaalt in sterke mate hoe het sociale contact met anderen verloopt. Vanaf zeer jonge leeftijd leren zich normaal ontwikkelende kinderen welke emoties gepast zijn in welke situatie, en hoe deze te uiten. Veel ouders met een kind met autisme herkennen dat hun kind moeite heeft met het reguleren en het uiten van de eigen emoties. Vaak zijn emotie-uitingen bij deze groep heftig en moeilijk te reguleren. Ze dragen niet tot nauwelijks bij aan een goede sociale relatie met anderen, maar verstoren deze eerder.

Omdat het nog onbekend is welke aspecten in het emotioneel functioneren nu precies anders verlopen dan bijdragen aan meer problematiek bij kinderen en jongeren met een autismespectrum stoornis werkt GGZ Rivierduinen Autisme mee aan onderzoek geïnitieerd vanuit het 'Emotie Lab' van de Universitiet Leiden, afdeling Ontwikkelingspsychologie.

Via de website www.focusonemotions.nl vindt u meer informatie vanuit de Universiteit Leiden en kunt u de wetenschappelijke publicaties vinden rondom dit onderzoek.

Onderzoek naar emotionele ontwikkeling bij mensen met autisme
GGZ Rivierduinen Autisme en de afdeling Orthopedagogiek van de Universiteit Leiden delen interesse in het ontrafelen van mechanismen die helpen te begrijpen waarom autistische symptomen ontstaan. Om die reden werken wij samen in onderzoek naar de verschillen en overeenkomsten in de sociale ontwikkeling bij kinderen met autismespectrumstoornissen én kinderen met X-chromosomale aandoeningen. Ongeveer 1 op de 700 kinderen wordt geboren met een extra X-chromosoom: deze kinderen hebben een verhoogd risico op een autismespectrumstoornis. Onderzoek naar autistische kenmerken bij deze kinderen kan inzicht bieden in de factoren die een rol spelen bij autisme. Inzicht in verschillen en overeenkomsten in de sociale ontwikkeling is ook nodig om te bepalen of de sociale problemen bij deze kinderen mogelijk van verschillende of juist vergelijkbare aard zijn.

In het onderzoek wordt een brede reeks aan vaardigheden in kaart gebracht waar kinderen over moeten kunnen beschikken om zich sociaal staande te houden. Een kind moet bijvoorbeeld kunnen begrijpen wat anderen zeggen, aandacht hebben voor sociale signalen in de omgeving, emoties aanvoelen en begrijpen, hoofdzaken van bijzaken onderscheiden, impulsen kunnen onderdrukken, het grote plaatje kunnen zien, en meer. Kennis hierover is nodig om behandelprogramma’s te ontwikkelen die optimaal aansluiten bij de aard van de sociale problemen bij deze groepen kinderen. De hoofdonderzoekers in dit project zijn prof. Hanna Swaab en dr. Sophie van Rijn.

NB Onderzoeken naar Autisme vallen binnen GGZ Rivierduinen formeel onder de onderzoekslijn eetstoornissen.

Print