felicity

Beter binnen bereik

Print

'Ik dacht altijd dat ik me aanstelde'

Rond mijn 16de begon ik wat te rommelen met eten. Ik sloeg stiekem mijn ontbijt over of gooide mijn lunch op school weg. Ik had eigenlijk geen besef van de reden waarom ik dit deed. Door de jaren heen werd ik negatiever. Ik ging studeren, werd eenzamer en depressiever. Ik at steeds vreemder. Samen met het te weinig eten, ontstonden ook de eetbuien.

Ik was van jongs af aan slank geweest en vond mezelf ook nooit te dik. Het rommelen met eten, zo min mogelijk eten, was vooral een afleiding van mijn negatieve gevoelens en een manier om ergens in te kunnen presteren. Hoe minder ik kon eten, hoe meer ik afviel, hoe trotser ik was. Het werd een soort wedstrijdje met mezelf.

Ik had inmiddels al jaren problemen met eten maar besefte nog steeds niet dat ik wel eens een eetstoornis kon hebben. Ik kende de verhalen van meisjes met een eetstoornis van de televisie en meidenbladen: magere meisjes die naar een eetstoorniskliniek moesten en leefden op niet meer dan een appel per dag. Ik was niet zo mager en ik kon zo weinig eten helemaal niet volhouden. Ik moest me niet zo aanstellen. Ik dacht altijd dat ik me aanstelde en vond dat iedereen er ernstiger aan toe was dan ik. Ik moest alleen van die stomme eetbuien afkomen, dan zou alles weer beter worden... dacht ik.

Op een dag kon ik gewoonweg niet verder, ik was helemaal op. Uiteindelijk ben ik naar de huisarts gegaan en heb ik een doorverwijzing gevraagd naar de hulpverlening. Inmiddels zijn we jaren verder en kan ik met trots zeggen dat ik weer kan genieten van eten en nog belangrijker van het leven!

De problemen, achtergronden en verhalen van onze cliënten zijn heel divers. De verhalen op deze site zijn echte verhalen. Om privacyredenen maken we gebruik van gefingeerde namen en foto's.